De clubondersteuner als onmisbare schakel voor sterke sportverenigingen

4 februari 2026

Sportverenigingen spelen een belangrijke rol in gemeenten. Ze leveren namelijk zowel een positieve bijdrage aan sport- en beweegparticipatie, als aan maatschappelijke thema’s waaronder gezondheid, sociale cohesie en integratie. Tegelijkertijd staan veel verenigingen onder druk door o.a. een tekort aan vrijwilligers, toenemende wet- en regelgeving en financiële uitdagingen. De verenigings- of clubondersteuner (in dit artikel spreken we vanaf nu over clubondersteuner) vervult een belangrijke rol in het ondersteunen en toekomstbestendig maken van sportverenigingen.

Signaleren, verbinden en versterken

De clubondersteuner is in de praktijk vaak het eerste aanspreekpunt voor sportverenigingen. Lieke (SSNB Team NB gemeente Maashorst) en Stéphan (SSNB Team NB gemeente Roosendaal) vervullen in diens gemeente deze rol en beschrijven deze rol als breed en veelzijdig. Lieke: “Wij signaleren wat er speelt bij verenigingen en vertalen deze signalen naar concreet aanbod, zoals scholingen en sportcafés. Deze activiteiten worden zoveel mogelijk lokaal georganiseerd, wat de drempel voor bestuurders verlaagt om deel te nemen”.

Daarnaast vervult de clubondersteuner een verbindende rol. Verenigingen met vergelijkbare vraagstukken worden vaak met elkaar in contact gebracht, zodat zij kennis en ervaringen kunnen delen. Dit leidt niet alleen tot inspiratie, maar soms ook tot nieuwe samenwerkingen zoals met lokale organisaties, sportbonden en/of de gemeente.

Stéphan benadrukt het belang van vertrouwen en het opbouwen van een relatie. Verenigingen vragen zelf vaak pas laat om ondersteuning. Juist doordat de clubondersteuner regelmatig contact opneemt en een goed beeld heeft van (landelijke) ontwikkelingen binnen de sport kan diegene de verenigingen eerder én gerichter ondersteunen. “Verenigingen zijn geweldige minimaatschappijen in een lokale omgeving,” aldus Stéphan.

Je moet een vertrouwensband opbouwen en laten weten dat je kunt en wilt meedenken

Stéphan,

Meerwaarde voor verenigingen

De meerwaarde van de clubondersteuner zit volgens Lieke onder andere in de onafhankelijke positie. “Omdat wij als clubondersteuners niet ‘van’ de gemeente of een sportbond zijn, voelen verenigingen meer en sneller ruimte om vragen te stellen en zorgen open te delen”, aldus Lieke. Ook het lokaal organiseren van scholingen en bijeenkomsten (zoals sportcafés) wordt door verenigingen als positief ervaren, omdat reistijd en kosten beperkt blijven én deze vaak een lokaal tintje hebben.

Stéphan ziet dat hulpvragen vaak symptomen zijn van bredere organisatorische uitdagingen, zoals een gebrek aan duidelijke visie of interne communicatie. Naast laagdrempelige ondersteuning, zoals sportcafés of opleidingsmogelijkheden, is daarom soms meer specialistische ondersteuning nodig. In sommige gemeenten wordt hierop ingespeeld door functies zoals clubkadercoach, verenigingsmanager of sportparkmanager in te zetten, die zowel op korte termijn ondersteunen als werken aan borging op de lange termijn. Zo ook in gemeente Roosendaal waar, sinds 1 januari 2026, het team Clubondersteuning is uitgebreid met een sportparkmanager, verenigingsmanager en clubkadercoach. Waardevolle rollen, zo blijkt ook uit dit rapport “Professionalisering bij sportverenigingen en sportparken” van Mulier Instituut in 2025 én uit deze blog van Daan Ruimerman (projectmedewerker bij SSNB) over zijn ervaringen als sportparkmanager in gemeente Tilburg.

Een rol in beweging

Deze meerwaarde vraagt tegelijkertijd om een rol die meebeweegt met veranderingen in het sportlandschap. Waar voorheen werd gesproken van ‘verenigingsondersteuners’ en de focus traditioneel lag op sportverenigingen, richt de ondersteuning zich in gemeenten steeds vaker ook op anders georganiseerde sportaanbieders, zoals stichtingen en ondernemende sport- en beweegaanbieders. In die gemeenten wordt hierom al vaker gesproken over ‘clubondersteuning’ in plaats van ‘verenigingsondersteuning’.

Lieke geeft aan dat deze verbreding aansluit bij de veranderende sportpraktijk: “inwoners sporten steeds meer divers en niet meer uitsluitend binnen verenigingsverband. De clubondersteuner ondersteunt daarom niet alleen verenigingen, maar ook andere sportaanbieders bij vergelijkbare vraagstukken rondom thema’s als organisatie, kader, financiën en toekomstbestendigheid. Daarmee groeit de rol mee met de (landelijke) ontwikkeling van sport en bewegen en wordt ondersteuning breder inzetbaar en waardevol voor het lokale sportlandschap”.

De rol van het Sportakkoord en de servicelijst

Binnen het Nationaal Sportakkoord is de afgelopen jaren via de servicelijst van NOC*NSF ondersteuning beschikbaar gesteld aan sportverenigingen. Deze servicelijst biedt verenigingen de mogelijkheid tot deskundige begeleiding en scholing op thema’s zoals bestuur, vrijwilligersbeleid en sociale veiligheid. Vaak tegen een gereduceerd tarief óf zelfs gratis.

Lieke geeft aan dat deze financiële ondersteuning van grote waarde is. In de periode dat het budget tijdelijk was uitgeput, bleken verenigingen nauwelijks bereid of capabel om scholing op eigen kosten te organiseren. Volgens haar benadrukt dit hoe belangrijk het financiële steuntje in de rug is om verenigingen te blijven stimuleren in hun ontwikkeling.

Ook Stéphan noemt de servicelijst een belangrijk middel voor verenigingen om zich te blijven ontwikkelen. “De mogelijkheid om gebruik te maken van services verlaagt namelijk de drempel voor verenigingen. Daarnaast is het aanvragen van services vaak meteen een nieuw contactmomenten met verenigingen, waardoor we meer te weten komen over de ondersteuningsbehoeften en -kansen bij de betreffende vereniging”, aldus Stéphan.

Gevolgen van het aflopende Sportakkoord en financiering

Het Nationaal Sportakkoord en de bijbehorende financiering lopen eind 2026 af. Daarmee verdwijnt ook de servicelijst in de huidige vorm. Het is nog steeds onzeker of en hoe deze ondersteuning wordt voortgezet na 2026.

Lieke verwacht dat in haar gemeente Maashorst de rol van clubondersteuning blijft bestaan, maar voorziet dat het wegvallen van middelen vooral gevolgen zal hebben voor scholingen en procesbegeleiding. Zonder aanvullende financiering kunnen minder activiteiten worden aangeboden, wat gevolgen heeft voor de kwaliteit van kader en bestuur.

Stéphan verwacht dat vooral kleinere en financieel kwetsbare verenigingen minder snel zullen investeren in hun ontwikkeling. Het risico bestaat dat verenigingen blijven focussen op dagelijkse taken, terwijl structurele versterking naar de achtergrond verdwijnt. Dit kan de toekomstbestendigheid aantasten en uiteindelijk leiden tot uitstroom van leden. Daarnaast wijst hij erop dat lokale keuzes ook regionale effecten hebben: het verdwijnen van verenigingen vergroot reistijden en verlaagt de toegankelijkheid van sport voor inwoners in de gemeente.

Kansen voor duurzame borging

Ondanks deze uitdagingen zien Lieke en Stéphan ook kansen voor de toekomst. Gemeenten kunnen ervoor kiezen om clubondersteuning structureel te verankeren in beleid en te koppelen aan andere domeinen zoals gezondheid, welzijn en cultuur.

Als gemeenten de waarde van sport écht benutten, kan clubondersteuning beleid versterken in plaats van een losse voorziening te zijn

Stéphan,

Daarbij kan regionale samenwerking tussen gemeenten helpen om expertise te bundelen en ondersteuning efficiënt in te richten, vooral in kleinere gemeenten. Ook wordt gekeken naar nieuwe financieringsvormen, zoals cofinanciering met sportbonden of verenigingen voor specialistische ondersteuning. Voor generieke clubondersteuning blijft structurele publieke financiering echter essentieel.

Sterke sportverenigingen ontstaan niet vanzelf

Ze vragen om gerichte ondersteuning, kennisdeling en verbinding. De clubondersteuner speelt hierin een centrale rol door verenigingen te begeleiden, te verbinden en te versterken. Met het aflopen van het Sportakkoord in zicht is het van belang dat gemeenten blijven investeren in deze rol. Niet alleen om sportverenigingen toekomstbestendig te houden, maar ook om sport en bewegen toegankelijk te houden voor alle inwoners.